Onze DBV's
In Memoriam: Dré Steemans, Felice
Monumenten
Diest is mijn stad geworden. Bewuste keuze ook. Centraler gelegen en min of meer ‘back to the roots’. Ik heb hier een verleden: mijn moeder, haar familie en mijn eerste levensdagen. Diest is nostalgie: op vakantie bij mémé, tante Sarah en nonkel Fernand, een paar grappige foto’s van mezelf als peuter aan de Halve Maan, het Diesters bier dat thuis altijd op tafel stond, de appelbeignets die bompa Boxberger altijd bakte als het kermis was, de chrysanten die ik elk jaar mocht dragen naar de graven van mijn zusje en mijn opa hier. Ik zou het allemaal eens op papier moeten zetten. Diest is een oergezellig stadje. Altijd geweest. Niet te groot. Niet te klein. Overzichtelijk. Meer een dorp eigenlijk. Gemakkelijk bewandelbaar en omgeven door kilometers ‘volle natuur’. Een stadje waar iedereen iedereen nog kent en waar in elke straat nog een Witte en een moeder Cent leven. Ik ben een paar jaren geleden verliefd geworden op een mooi oud pand en ik heb dat met veel liefde gerestaureerd. Ik hou van de grandeur van oude huizen en zo heeft Diest er heel veel. Wat dat betreft moet Diest niet onderdoen voor de andere Oranjesteden. Ik vind Breda trouwens ook erg leuk. Diest heeft alles om fier op te zijn. We zouden dat zelfs wat meer mogen uitdragen. Het is een fantastische stad, een bruisende stad aan de Demer en als we met z’n allen willen, maken we er de meest bruisende van, want onze burgemeester en het schepencollege geven in ieder geval het goede voorbeeld. Kom maar eens kijken wat hier allemaal aan het gebeuren is! (tekst: januari 2009)
